Wat zegt jouw kledinglabel?

Recyclen van textiel is ingewikkeld omdat je de zuivere grondstoffen -denk aan wol, katoen etc- uit de textiel nodig hebt. En om te weten wat die zuivere grondstoffen zijn, juist, kijk je gewoon even op het kledinglabel. Heb je er ooit aan getwijfeld of de verhouding van grondstoffen klopt? Nee, waarom zou je ook, het valt immers niet te controleren. Totdat er een machine op de markt kwam vorig jaar, de Fiber Sort Machine. Deze machine detecteert met hulp van infrarood samenstelling van textiel, want de indruk bestond al dat het label zich niet met een mensenoog laat aflezen. Bij de eerste proeven bleek inderdaad dat de robot vaak een heel andere samenstelling van stoffen concludeert dan het label ons toont. Het is mogelijk commercieel interessant om 100% katoen of wol op te schrijven, maar niet zelden is het product een mix met bijvoorbeeld polyester. Ontwerper Christien Meindertsma liet hetzelfde zien in de tentoonstelling voor ‘Change the System’ (Museum Boijmans van Beuningen, 2018).

Het misleidende label zorgt voor verstoring en vertraging in het toch al moeizame proces van textielrecycling. En dat zou een zorg van ons allemaal moeten zijn. De textielindustrie is na de olie-industrie de meest vervuilende industrie. Voor de productie van een enkel katoenen shirtje is ca 7000 liter water nodig (staat gelijk aan twee maanden douchen), voor een spijkerbroek het dubbele. Met wat lepels gifstof en een intercontinentale reis -dus veel CO2- behoeft het geen uitleg dat de textielindustrie allesbehalve milieuvriendelijk is. ‘Dringende en niet-eerder vertoonde maatregelen zijn nodig’, aldus de oproep vorig jaar van het VN-Klimaatpanel, om opwarming van de aarde te beperken. Voor textiel betekent dit snel (investeren in) het ontwikkelen van nieuwe technieken om op grote schaal textiel te vervezelen, zodat van oude garens nieuwe textiel gemaakt kan worden. Voilà, dat maakt de textielcirkel rond! Wat ga jij doen in de Week van Tweedehands Textiel?